Algemene informatie
Geschiedenis
Voor een goed begrip van het gedrag van de hond is kennis van het gedrag van de voorvader van de hond, de wolf een vereiste. Karakteristiek voor de wolf is het leven in sociaal verband. Elk samenlevingsverband brengt een bepaald risico met zich mee, want er ontstaat immers concurrentie om de ranghoogste positie. Deze concurrentie kan zorgen voor conflicten. Communicatie en ritualisatie zijn in dit proces middelen waarmee agressie in minder riskante banen wordt geleid. Om de conflicten zoveel mogelijk te voorkomen, waardoor risico’s worden vermeden, bestaan er duidelijke dominantieverhoudingen tussen de dieren. Voor de hond geldt dit in het gemengde roedel van mensen en wolven eveneens.
Gedrag hond
De dominantieverhoudingen moeten aan elkaar worden gecommuniceerd en daarvoor staan honden een aantal mogelijkheden ter beschikking. Door middel van de lichaamshouding communiceert de hond zijn dominante of onderdanige positie.
Een dominante (of zelfverzekerde) houding kan worden herkend aan:
- Hoge houding van de staart
- Omhoog staan van de oren
- Naar voren staande mondhoeken
- Hoge romp
Een onderdanige (of angstige) houding kan worden herkend aan:
- Lage houding van de staart
- Naar achteren staan van de oren
- Naar achteren staande mondhoeken
- Lage romp
Andere communicatiemiddelen waarmee motivatietoestanden kunnen worden weergegeven zijn:
-Vocalisaties
-Het al dan niet opzetten van de haren (borstelen)
-Tanden laten zien
-Verspreiding van geuren
-KijkgedragBewegingen van de staart
-Laten zien van de tong
In de gebaren, het gedrag, liggen de andere mogelijkheden om de motivatietoestand aan een andere hond duidelijk te maken. Hierbij moet worden opgemerkt dat een hond dominant gedrag kan vertonen, zonder dominant te zijn!
Gedragssystemen
Er zijn een aantal gedragssystemen te onderscheiden:
Agressie
Agressie
Angst
Angst
Spel
Spel
Hiernaast worden onder meer de volgende gedragssystemen onderscheiden:
-Vriendschap
-Prooi
-Voortplanting
-Territoriaal
-Rust
-Zelfverzorging
Dominante gedragingen
Dominante gedragingen zijn onder andere:
Over de snuit bijten
Over de snuit bijten
Boven staan
Boven staan
Andere dominante gedragingen zijn o.a.:
-Poot op schoft leggen
-Over (in) de nek bijten
Onderdanige gedragingen
Onderdanige gedragingen zijn onder andere:
Likken van de mondhoeken van een ander dier
Likken van de mondhoeken van een ander dier
Op de rug gaan liggen
Op de rug gaan liggen
Andere onderdanige gedragingen zijn onder andere:
-Tongelen
-Pootje geven
Indien een hond dominant gedrag maar vaak genoeg kan vertonen, zonder dat hier consequenties aan vast zitten (of zelfs wordt beloond) dan bestaat er de mogelijkheid dat er geleidelijk en subtiel een rangwisseling plaatsvindt. De eigenaar van de hond is hier zich meestal pas te laat van bewust en hij wordt geconfronteerd met een rangordeprobleem, waarbij hij ook gebeten kan worden door de hond. De hond mag immers als ranghoogste een ranglagere corrigeren en doet dat onder andere door te bijten.
Gedragsontwikkeling
Alle pups maken een zelfde ontwikkeling door, waarbij ze van pasgeboren pup tot volwassen hond dezelfde fasen doorlopen. Meestal ontwikkelen pups van kleine rassen zich sneller dan pups van grote rassen. De volgende leeftijdsfasen worden onderscheide :
Neonatale fase (leeftijd 0-2 weken)Overgangsperiode (leeftijd 2-3 weken)Socialisatieperiode (leeftijd 4-12 weken)Angstperiode (leeftijd 3-6 maanden)
De leerprocessen die gedurende een gevoelige periode van langere duur optreden staan bekend als socialisatie. Tijdens de socialisatie leert de hond de kenmerken van levende wezens waar hij op dat moment min of meer mee omgaat. De gevolgen hiervan zijn dat de hond minder angst ontwikkelt voor die individuen. Tevens zal prooigedrag niet ontstaan naar de individuen waaraan hij is gesocialiseerd.
Rassen
Bij wolven bepaalt de natuur welke dieren met elkaar paren, bij huisdieren selecteert de mens. Door selectie op bepaalde eigenschappen zijn allerlei honden ontstaan die bijzonder geschikt waren voor bepaalde taken. Wanneer je deze dieren met elkaar kruist, zullen de nakomelingen net zo goed of nog beter zijn dan hun ouders. Ook zullen zij de lichaamsbouw krijgen die het beste past bij hun werk. Hierdoor worden de verschillen in uiterlijk, karakter en werkcapaciteit steeds groter en lijken ze steeds minder op de wolf.
De Nederlandse Kynologie is via haar overkoepelend orgaan, de Raad van Beheer op kynologisch gebied in Nederland, bij de FCI (Federation Cynologique Internationale) aangesloten en hanteert de rasgroepindeling van de FCI. Er worden 10 groepen onderscheiden:
-Herdershonden en veedrijvers
-Pinchers, Schnauzers, Molossers, Berg- en Sennenhonden
-Terriërs
-DashondenSpitzen en Oertypen
-Lopende honden en zweethonden
-Staande jachthonden
-Niet-staande jachthonden
-Gezelschapshonden
-Windhonden
